Rondje moestuin mei 2020

Elke maand probeer ik minstens één keer een update te schrijven over het wel en wee in mijn moestuin. Wat heb ik allemaal opgepakt, wat doet het goed (en minder goed), wat kan er worden geoogst … kortom wat bezorgt mij allemaal klein moestuingeluk? Na februari, maart en april volgt hier het rondje van mei.

Wat een weer…

Kurkdroog! Het is nog nooit zo droog geweest in het voorjaar sinds de start van de metingen in België in 1901. De monitor van de zonnepanelen op ons dak geeft aan dat er in maart, april en mei ook veel meer zon was dan in dezelfde maanden van de afgelopen twee jaren, die ook ook al een warm een zonnig voorjaar kenden. Maatregelen die voorzien waren voor de zomer moeten nu al genomen worden, zoals verbod op het oppomen van water uit kwetsbare rivieren en beken. Water wordt stilaan een spaarzaam goed.

Zoals het er nu naar uitziet gaat het droogterecord van 1976 makkelijk worden gebroken. Groot verschil met 1976 is dat de huidige droogte een verderzetting is van een trend die we al enkele jaren zien en dus geen eenmalig weerkundig fenomeen meer is. Heeft allemaal te maken met het verschuiven van de noordelijke straalstroom, hoog in de atmosfeer, die ons weer sterk bepaalt. En die verschuiving is ontegensprekelijk het gevolg van de klimaatopwarming waar de mens zelf een hele grote hand in heeft, tot spijt van zij die blijven ontkennen of het probleem minimaliseren.

Ik maak mij sterk dat er binnen een jaar of vijftig, op het moment dat we volop worden geconfronteerd met de rampzalige gevolgen van de klimaatopwarming, de corona crisis die we nu meemaken zal herinnerd worden als een héél klein crisisje en wellicht de naam crisis zelfs niet waard.

Uit de krant ‘De Tijd’ van 19/05/2020

De IJsheiligen zijn dit jaar nog wel een keer langs geweest. Het heeft in de week van 11 mei ook in mijn moestuin nog gevrozen aan de grond. Tot zo ver de traditie. Aan de trend van vrij warme, maar natte en vaak winderige maanden in de winter, gevolgd door een warme lente en zomer, kunnen moestuiniers niet meer voorbij. De grond droogt heel snel uit, zeker nu wanneer er zoals de afgelopen dagen ook nog een keer harde wind staat. Mijn grond van zand en leem is op dat moment niet meer dan opwaaiend stof.

Ik worstel met het ‘waterbeleid’ in mijn moestuin. Wanneer moet ik tijdens deze droge en warme maanden nu water geven en hoeveel? Moestuinhandboeken spelen daar nog onvoldoende op in. Water geven zoals in de zomer lijkt mij niet verstandig. Planten zitten dan in een totaal andere levensfase, vaak met vruchten die veel water moeten hebben (pompoen, courgette en alle groenten in de serre zoals tomaten, komkommer, paprika’s,…). Met zaailingen ligt dat toch anders.

Ik geef alles wat in potten staat nu dagelijks water. Wat in de moestuinbakken staat, krijgt om de twee dagen. De groenten die in de serre in vollegrond staan, moeten toekomen met één keer per week. De serre staat op een deel in de moestuin waar het grondwater redelijk hoog staat en de grond dus nog vrij nat is. Voor tomaten is het zelfs niet verstandig veel water te geven. Die hebben wortels die heel diep naar water op zoek kunnen. Ik zorg er enkel na het uitplanten voor dat ze een natte duw in de rug krijgen, maar daarna reken ik vooral op dat diepe wortelgestel.

Ik heb voorlopig nog water genoeg in de grote waterput (10.000 liter), die we volledig voor de moestuin kunnen gebruiken. We hebben onlangs nog even nagemeten en komen zeker nog een week of acht toe met het regenwater dat nu nog in de put zit. Ten laatste half juli moet het weer beginnen regenen, of ook ik ga het dure en stilaan schaarse kraanwater moeten gebruiken. Als het tegen dan nog mag gebruikt worden voor de tuin…

Ik heb ondertussen wel gemerkt dat ik toch nog te spaarzaam ben geweest voor een aantal groenten, vooral de kolen. Mijn spitskolen schieten door en maken bloemen. Mijn bloemkolen lijken gestopt met groeien. Ik hoop dat ze het nog gaan redden. Mijn waterbeleid staat dus zeker nog niet op punt. Iets om in de winter na het moestuinseizoen wat verder over na te denken en bij te lezen. Ik denk dat ik ook nog meer moet investeren in preventie. De afgelopen winter heb ik met een paar kuub groencompost grote delen van de moestuin met een dikke laag mulch bedekt (zie een vorige post). Ik merk dat het werkt, maar het is nog niet voldoende. Nog meer mulchen dus volgend jaar.

We zitten vol

Ik heb de afgelopen maand nog wat gezaaid, vooral groene blaadjes zoals pluksla en rucola. Ook de bonen zijn gezaaid: groene stuikbonen (Satelit en Argus), twee soorten droogbonen (Red Kidney – ideaal voor chili sin/con carne en Borlotto di Fuoco). Ook sojabonen waren aan de beurt. Die teel ik voor de edamame, een Japans hapje waarbij de nog kleine peulen kort worden gekookt en koud met wat grof zeezout in één hap worden gedegusteerd. Glaasje saké is optioneel, maar maakt de ervaring compleet. En ik heb ook witloof gezaaid, de eerste stap van een heel aantal die leiden naar de bittere witte kropjes die ten vroegste vanaf november te oogsten zijn.

Er is in mei vooral veel uitgeplant in de moestuinbakken. Zaailingen verhuisden van de serre naar de tuin. In de serre werden dan de tomaten en komkommers uitgeplant, naast de paprika’s, chili’s en aubergines die in grote potten een plaats kregen. De moestuin staat zo goed als vol nu. Te veel om op te noemen… Ik heb het proberen samen te vatten in een filmpje. Vanaf volgende maand gaan we vooral oogsten, koken en eten 🙂

Onkruid wieden

Onkruid is een zekerheid, zelfs met dit droge weer. Het duikt overal op, is vaak onschuldig, maar soms hardleers. Ik heb ermee leren leven, niet alleen met het onkruid, maar vooral met de gedachte dat de boel af en toe de boel laten geen zonde is. Om de twee weken trek ik een uur of twee uit om met een hele traditionele schoffel (een erfstuk dat al drie generaties meegaat) en een gritsel de moestuinbakken weer wat te fatsoeneren. Dat geeft een goed gevoel, ik zie dan tussen veel groen onkruidblad weer mijn kolen en sla staan.

Een lastigere klant is heermoes. Die plant tiert welig op een arme bodem, zoals mijn zandleem-grond. De wortels kunnen meters diep gaan en halen daar mineralen op waarmee de plant zelf wordt volgepropt. Die mineralen komen bij het afsterven van de plant dan in de bovenste laag van de bodem. Een geniaal mechanisme van de natuur om armere gronden te verrijken. In die zin is heermoes ook een echte signaalplant. En met dat signaal doe je best iets als moestuinier om te vermijden dat heermoes je tuin overneemt. Ik leg elk jaar onder mijn laag compost een kleinere laag lavameel over de moestuinbakken. Dat meel is tot poeder gemalen vulkanisch gesteente dat propvol mineralen zit. Op die manier hou ik het heermoes redelijk onder controle en valt er best mee te leven.

Van tuin naar bord

Mei is de maand waarin de tuin begint met een divers aanbod groenten aan te leveren waarvan je bijna dagelijks kan eten. Vooral veel bladgroenten, maar er is al meer dan sla. Zeker wanneer je verschillende soorten spinazie zaait met uiteenlopende smaken, heb je het gevoel telkens een andere groente te eten.

Hieronder een Japanse spinazie, met heel fijn, lang en smal donkergroen blad en een spinazie kleine ronde bladeren met rode nerven. Gestoofd met ui en look, gemengd bij de pasta of ‘gestoempt’ onder de aardappelpuree. Twee keer spinazie, maar twee keer een hele verschillende smaak.

Sla… ‘simple comme bonjour’… en nu in overvloed in mijn moestuin. Maar wat maakt sla een salade? De dressing! En dat mag voor mij simple zijn met wat olijfolie, citroen, peper en zout. Maar het mag soms ook wat meer zijn. Met een vers gedraaide tartaar bijvoorbeeld wordt sla voor mij bijna comfort food.

En tartaar, dat is eigenlijk ook simpel. Klop twee eidooiers los met wat mosterd en zout. Voeg er olie aan toe tot je een mayonaise krijgt. Snijd opgelegde augurkjes en kappertjes in stukjes. Niet te krenterig zijn! Voeg die toe aan de mayonaise. Kook een ei hard, prak de hard gekookte dooier fijn en voeg die ook toe. Vervolgens moet er verse fijngehakte dragon en peterselie bij. Kruid af met peper. Liefhebbers van pikant snijden er nog een chilipepertje bij.

Het aspergeseizoen loopt bij mij stilaan naar zijn einde. Traditioneel worden asperges geoogst tot Sint-Jan of 24 juni, maar ik stop iets vroeger en laat de stengels (hetgeen we oogsten en opeten) mooie planten worden.

Ik eet ze heel graag op z’n Vlaams, met veel boter en een eitje. Maar ik lust ze ook in een lauwe salade (zie hieronder). Kook de asperges een paar minuten, ze mogen zeker nog ‘al dente’ zijn. Doe er wat geblancheerde erwtjes en peultjes bij, die je ook tijdens het aspergeseizoen oogst, snij er een lente uitje bij, giet er wat olijfolie en citroensap bij. Strooi er voor de afwerking wat peterselie en dragon over. Een echt lente bordje.

Ik had ook komatsuna of mosterdspinazie in de tuin. De kleine blaadjes zijn lekker rauw in een salade, de grote bladeren niet meer. Meestal gaan dat soort groenten dan in een goeie Vlaamse stoemp. Daar kun je alles in kwijt.

In heb mij deze keer iets anders gewaagd. Komatsuna nibitashi is een oertraditioneel bijgerecht in Japan. De mosterdspinazie stoof je kort in dashi (visbouillon van bonito tonijn – de niet bedreigde soort dus – en gedroogd zeewier), mirin, sake, soyasaus en suiker. Japanners eten er aburaage bij of gefrituurde vellen tofu. Die had ik niet, dus ik heb silken tofu gebruikt. Het geheel is afgewerkt met snippers perilla, ook uit mijn tuin. Perilla is een soort munt die vooral in de Koreaanse keuken, maar ook in Japan vaak wordt gebruikt. Het zorgt voor de frisse en zure toets bij het zoete en zoute van de dashi en soyasaus. Je zou er wat rijst kunnen bij eten of (in wat extra dashi) wat noedels. Smakelijk!

Vanaf half mei kan ik ook aardbeien oogsten. Ik heb dit jaar twee bedden: een met een vroege, en een met een latere soort. Mijn aardbeiseizoen duurt zo tot in juli. Zolang we kunnen bijbenen, eten we ze het liefst rauw, met beetje munt bijvoorbeeld. Als de oogst zich begint op te stapelen, maken we er confituur van.

Deel op social media

Doe mee met de conversatie

1 reactie

Laat een antwoord achter aan yves Reactie annuleren

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres dat je opgeeft, verschijnt niet bij je reactie. In het veld onderaan mag je altijd verwijzen naar jouw website of blog.

  1. Mooi rondje, mooie moestuin. De droogte is inderdaad een probleem. Worteltjes kiemen bijna niet.